Waarom de rechtsstaat pas telt als mensen hem kunnen gebruiken
Wanneer Lina ’s avonds naar het nieuws kijkt, hoort ze vaak woorden als democratie en rechtsstaat . Politici gebruiken ze. Journalisten gebruiken ze. Deskundigen spreken erover alsof iedereen precies weet wat ermee wordt bedoeld. Voor Lina klinken de woorden belangrijk, maar ook afstandelijk. Alsof ze horen bij parlementen, rechtbanken, grondwetten en debatten waar gewone mensen maar af en toe iets van merken. Totdat ze er zelf mee te maken krijgt. Een vriend van haar raakt verwikkeld in een juridisch probleem. Het begint klein, met een brief die hij niet goed begrijpt. Daarna volgen termijnen, formulieren, telefoontjes en verwijzingen naar regels waarvan hij nog nooit heeft gehoord. Hij moet keuzes maken, maar weet niet goed wat de gevolgen zijn. Lina probeert hem te helpen, maar merkt al snel hoe ingewikkeld het systeem is. Er zijn instanties, procedures, voorwaarden en uitzonderingen. Iedereen lijkt een stukje van het probleem te behandelen, maar niemand lijkt h...