Je wordt niet geboren als ‘jezelf’ — je wordt het
Op een regenachtige ochtend zit Lina in de trein naar school. Ze is vijftien jaar oud en scrolt door haar telefoon terwijl het landschap langzaam voorbijglijdt. In haar berichten ziet ze een discussie tussen klasgenoten over klimaatprotesten die later die week in de stad plaatsvinden. Sommigen vinden dat jongeren de straat op moeten om politieke actie te eisen. Anderen vinden dat zulke protesten overdreven zijn.
Lina weet nog niet precies wat ze ervan vindt. Ze leest de berichten, denkt na over wat haar vrienden schrijven en probeert haar eigen mening te vormen. Misschien gaat ze wel kijken bij het protest, gewoon om te zien wat er gebeurt.
Veel mensen herkennen dit soort momenten. Je komt nieuwe ideeën tegen, hoort verschillende meningen en probeert langzaam je eigen positie te bepalen. Misschien herken je het bij jezelf: hoe vaak heb je een mening aangepast nadat je met anderen had gesproken of nieuwe informatie had gekregen?
Wat op het eerste gezicht een alledaagse situatie lijkt, laat iets belangrijks zien over het menselijk bestaan. Mensen worden niet geboren met vaste overtuigingen of volledig ontwikkelde vermogens. Zij ontwikkelen hun ideeën, waarden en identiteit geleidelijk, in wisselwerking met de wereld om hen heen.
Mens-zijn is daarom geen vast gegeven. Het is een proces.
Een soort die moet leren
Wanneer een baby wordt geboren, kan hij vrijwel niets zelfstandig. Hij kan niet lopen, niet spreken en nauwelijks begrijpen wat er om hem heen gebeurt. In vergelijking met veel andere diersoorten zijn mensen bij hun geboorte opvallend kwetsbaar.
Toch is juist die kwetsbaarheid een van de grootste krachten van de menselijke soort. Omdat menselijke kinderen zo lang afhankelijk blijven van anderen, ontstaat er een lange periode waarin zij kunnen leren. In die jaren nemen zij taal, kennis, normen en vaardigheden over van de mensen om hen heen.
Denk eens terug aan hoe je zelf hebt leren spreken. Niemand leest een handleiding voor taal. Kinderen leren woorden doordat ze anderen horen praten, doordat ze worden gecorrigeerd en doordat ze langzaam begrijpen wat woorden betekenen in verschillende situaties. Zonder die interactie met anderen zou taal nauwelijks kunnen ontstaan.
Hetzelfde geldt voor veel andere menselijke vermogens. Mensen leren samenwerken, problemen oplossen en emoties begrijpen doordat zij voortdurend reageren op anderen.
De wereld waarin we opgroeien
De ontwikkeling van mensen vindt altijd plaats binnen een bepaalde tijd en samenleving. Toen Lina’s grootouders jong waren, bestond internet nog niet. Informatie werd vooral verspreid via boeken, televisie en kranten. Vandaag groeien jongeren op in een wereld waarin digitale netwerken een centrale rol spelen.
Nieuws, meningen en beelden uit verschillende delen van de wereld zijn voortdurend zichtbaar op sociale media. Jongeren zien klimaatdemonstraties in andere landen, volgen politieke debatten online en horen ideeën die vroeger misschien nooit hun omgeving hadden bereikt.
Dat roept een interessante vraag op. In hoeverre worden jouw ideeën gevormd door de tijd waarin je leeft? Zou je andere overtuigingen hebben gehad als je in een andere periode of in een ander land was opgegroeid?
Ontwikkeling in relatie tot anderen
Hoewel mensen hun eigen keuzes maken, gebeurt hun ontwikkeling nooit volledig alleen.
Lina vormt haar ideeën niet in isolatie. Ze praat met vrienden, discussieert met haar ouders en hoort op school verschillende perspectieven. Soms verandert ze van mening wanneer ze nieuwe argumenten hoort. Soms blijft ze bij haar standpunt, maar begrijpt ze beter waarom anderen anders denken.
Dit soort gesprekken speelt een grote rol in hoe mensen hun ideeën ontwikkelen. Misschien herken je dat uit je eigen leven. Een gesprek met een vriend, een docent of een familielid kan soms onverwacht nieuwe inzichten geven. Tegelijk kunnen discussies ook laten zien hoe verschillend mensen naar dezelfde gebeurtenis kijken.
Menselijke ontwikkeling ontstaat dus in interactie. We begrijpen onszelf vaak pas echt wanneer we onze ideeën spiegelen aan die van anderen.
Vrijheid als ontwikkelingsruimte
Dit relationele karakter van menswording heeft ook gevolgen voor hoe we vrijheid begrijpen.
Vrijheid wordt vaak voorgesteld als volledige onafhankelijkheid: het idee dat iemand vrij is wanneer hij helemaal zelfstandig kan handelen. Maar in de praktijk ontstaat vrijheid vaak juist doordat mensen toegang hebben tot sociale structuren die ontwikkeling mogelijk maken.
Onderwijs is daar een duidelijk voorbeeld van. Door onderwijs leren mensen nieuwe vaardigheden en kennis die hun keuzes vergroten. Ook sociale zekerheid, gezondheidszorg en democratische instituties kunnen mensen ruimte geven om hun leven vorm te geven.
Misschien kun je bij jezelf nagaan welke omstandigheden in jouw leven het meeste hebben bijgedragen aan je mogelijkheden. Waren dat vooral individuele keuzes, of speelden ook familie, onderwijs en maatschappelijke omstandigheden een rol?
Een wereld in verandering
De openheid van menselijke ontwikkeling betekent ook dat samenlevingen voortdurend veranderen.
De afgelopen decennia hebben bijvoorbeeld grote maatschappelijke discussies plaatsgevonden over onderwerpen zoals klimaatverandering, digitale technologie, migratie en economische ongelijkheid. Nieuwe generaties kijken vaak anders naar deze vraagstukken dan eerdere generaties.
Wanneer Lina en haar klasgenoten discussiëren over klimaatprotesten, maken zij deel uit van zo’n groter proces. Jongeren over de hele wereld stellen vragen over de toekomst van de planeet en de verantwoordelijkheid van samenlevingen.
Dat roept opnieuw een vraag op: hoe ontstaan eigenlijk zulke nieuwe maatschappelijke ideeën? Waarom veranderen overtuigingen soms van generatie op generatie?
Menswording als gedeeld proces
Wanneer we deze voorbeelden samen bekijken, wordt een belangrijk inzicht zichtbaar. Menselijke ontwikkeling is nooit uitsluitend individueel.
Mensen groeien op binnen sociale netwerken, leren via culturele tradities en reageren op historische gebeurtenissen. Individuele keuzes spelen uiteraard een rol, maar zij worden altijd beïnvloed door de sociale context waarin mensen leven.
Menswording kan daarom het best worden begrepen als een relationeel en historisch proces. Individuen ontwikkelen zich in wisselwerking met anderen, terwijl samenlevingen tegelijkertijd veranderen door het handelen van individuen.
Dit wederzijdse proces vormt de basis voor de rest van dit boek.
Waarom mensen niet alleen kunnen bestaan
Wanneer Lina naar huis fietst na school, denkt ze nog even na over het gesprek in de klas. Veel van wat zij vandaag heeft geleerd, zou zonder andere mensen onmogelijk zijn geweest. De uitleg van haar docent, de discussie met klasgenoten, de boeken die eerdere generaties hebben geschreven – alles vormt een netwerk waarin haar eigen ideeën langzaam groeien.
Misschien geldt dat voor ieder van ons.
Toch is dat merkwaardig. Veel dieren leven grotendeels zelfstandig. Zij hebben geen scholen, geen lange kindertijd en geen uitgebreide samenlevingen nodig om te overleven.
Waarom is het menselijke leven zo anders georganiseerd?
Waarom lijken onze vermogens juist te groeien in relaties met anderen?
Om dat te begrijpen moeten we beter kijken naar een van de meest fundamentele eigenschappen van de menselijke soort: onze afhankelijkheid van samenwerking.

Reacties
Een reactie posten